Search
What are you looking for?

Wintertijd is de ‘standaardtijd’ in de geografische tijdzone waarin wij zitten. Als we de klok verzetten naar wintertijd, krijgen we een uurtje extra slaap. Dan is het ’s ochtends eerder licht en ’s avonds eerder donker. Doordat wintertijd de standaardtijd is, komt deze het dichtst in de buurt van hoe onze biologische klok de tijd interpreteert. In de winter zitten we dus meer in ons natuurlijke ritme.

Na het ingaan van de wintertijd is de biologische klok van veel mensen een paar dagen van slag. Zij kunnen 's avonds slechter in slaap komen en hebben 's ochtends moeite met opstaan. Dit komt omdat je lichaam nu gewend is om iets later op de avond het slaaphormoon melatonine aan te maken.

Overigens hebben veel meer mensen last van de overgang van wintertijd naar zomertijd dan andersom. Om zo snel mogelijk aan de wintertijd te wennen, kunt u het volgende doen:

1. Probeer overdag naar buiten te gaan en voldoende daglicht te krijgen.

2. Beweeg voldoende overdag.

3. Zorg voor goed ventilatie en de juiste temperatuur (niet te warm) in de slaapkamer.

4. Het helpt ook om uw ritme meteen aan te passen aan de nieuwe tijd. Sta dus op dezelfde tijd op (dus volgens de nieuwe tijd) en eet ook even laat als normaal, dan past uw biologische klok zich zo snel mogelijk aan.

Zo zou u binnen twee weken weer in uw normale ritme moeten zitten.

Lees meer over slaap-waak stoornissen